Conseiller à la Cour (1830)

Historie: 

Deze peer is uit België afkomstig, en is één van de laatste teelten van Prof. Jean Baptiste Van Mons (1765-1842) uit Leuven. Hij noemde de peer naar zijn zoon die raadsheer (Conseiller de la Cour) was van het hof te Brussel. De eerste vruchten zijn van 1840. Originele naam van 1842 was Maréchal de Cour. De nieuwe originele naam was vanaf 1853 Conseiller de la Cour. Een uitmuntende soort, die bijna algemeen verspreid is en vooral in het Zuiden van Europa veel voorkomt.

Synoniemen:

Duc d`Orléans.
Bô de la Cour.
Beau de la Cour.
Grosse Marie.
Maréchal de la Cour.
Maréchal Decours.
Hofratsbirne.

Vruchtvlees:  

Het vruchtvlees is geelachtig wit, middelfijn, halfsmeltend, sappig, en rond het klokhuis iets korrelig, zurig tot zachtzoet, zonder specifiek herkenbaar aroma. Bewaren: Na de pluk van midden oktober tot midden november kan de peer worden opgeslagen in natuurlijke opslag naar gelang de herkomst tot midden november, ook wel tot eind november bij vrije opslag.

Formaat vrucht: 

De vrucht heeft een mooie peervorm. In het midden is zij vrij dik, daarna loopt zij met een zachte glooiing naar de steel puntig bij. Deze peer is bijna altijd scheef. Gewoonlijk heeft de vrucht een middelmatige grootte (breed 60-75 mm. ; hoog 75-95 mm. ; gewicht 120-150 gram) en wordt zelden zeer groot.

Plukrijp: 

Eind september tot half oktober. Het beste is deze peer te oogsten voordat de vrucht boomrijp is. Hardrijp verbeterd de hoedanigheid van de vrucht en maakt ze sappiger. Vruchten hangen paarsgewijs of enkel. Zeer windvast tot aan boomrijpheid. Goed plukbaar. Hardrijp goed te transporteren.

Gebruik: 

Tafelpeer voor vers gebruik, ook geschikt voor compote en conserven op sap. Hardrijp geschikt voor sap productie. Goede peer om te drogen. De peer is bij hardrijpheid ook als stoofpeer te gebruiken.