Kandijzoet (1800)

Historie:

De afkomst van deze vrucht is onbekend. Waarschijnlijk Nederlands,19e eeuw en Gelders. Het is een zeer oud ras en buitengewoon geliefd.

Oorzaken van verdwijnen: Bloeméezoet is zeer beperkt houdbaar en vrij zacht en daardoor slecht te vervoeren. Omdat de markt voor zoete appels steeds kleiner werd, waren er weinig redenen nodig om een appel ras te doen verdwijnen. Het was daarom moeilijk voor Bloeméezoet zich staan te houden naast goede zoete appelrassen zoals de Zoete Ermgaard en Zoete Kroon. Door de bruikbaarheid als handappel is Bloeméezoet nog relatief lang populair gebleven. Sterke nadelen van de boom zijn vroege rijpheid, de geringe houdbaarheid en het optreden van beurtjaren.

Synoniemen:

 Herfst-Bloemzoete
Goede Zoete
Herfst Sterrenappel
Waterzoete
Bloemzoete (Blomzoete)
Hollandsche zoete
Zoete Bloemée.
Zoete appel

Originele naam:

Bloeméezoet Vruchtvlees:  zeer zacht en zoet iets droog en erg wit van kleur. Fijn, vrij vast, later zacht. De zoete smaak komt door een gebrek aan zuren, want de appel heeft niet veel suiker.

Bewaren:

In een koelhuis tot half december. Geringe houdbaarheid zonder koeling.

Formaat vrucht:

klein tot matig groot. Regelmatig.

 

Plukrijp:

eind augustus begin september.

Gebruik:

september begint de rijping tot begin december. In de koeling is deze appel enkele weken langer houdbaar. Keuken gebruik: vooral als stoofappel en om te drogen. Ook als handappel, maar is dan matig van smaak. Kookt sneller kapot dan andere zoete appels.